Logopedie houdt zich bezig met allerlei stoornissen op het gebied van communicatie. 

Om goed te communiceren zijn veel vaardigheden nodig. Kort gezegd moet men kunnen praten en luisteren om goed te kunnen communiceren. In het schema hieronder kunt u zien wat daar allemaal voor nodig is:

 

 

 

Een idee wordt omgezet in taal. Dit is de taalproduktie.

  1. Taal wordt omgezet in spraak: hiervoor is stemgeluid nodig.
  2. Door het stemgeluid te vormen tot klanken en taal zijn spraakbewegingen nodig.
  3. Zowel de spreker zelf als de luisteraar ontvangen de informatie via het gehoor. (voor de spreker is het belangrijk om te kunnen controleren wat hij heeft gezegd).
  4. De gehoorde informatie wordt naar de hersenen gestuurd om weer in taal om te zetten. Zo kan worden begrepen wat er is gehoord. Dit is het taalbegrip.

 De logopedist kan dus worden ingeschakeld als er ergens in dit proces stoornissen optreden.

De stoornissen kunnen worden ingedeeld in 5 behandelgebieden, nl.:

  • Taal
  • Spraak
  • Stem
  • Gehoor
  • Mondfuncties

De grenzen van deze gebieden zijn ruim getrokken, want ook de voorwaarden voor een goede stem, spraak, taal, gehoor of mondfuncties zoals eten en drinken vallen hieronder.

Hierbij kunt u denken aan problemen met slikken, ademen of afwijkende mondgewoonten zoals duimzuigen of open mond-gedrag.

De logopedische behandelgebieden overlappen vaak die van andere hulpverleners. Overleg is daarom erg belangrijk. De logopedist werkt vaak samen met huisarts, school, schoolarts, fysiotherapeut en/of specialist, zoals de neuroloog, KNO-arts, longarts en/of revalidatie-arts.

Het uitwisselen van informatie gebeurt alleen met uw toestemming.